zondag 18 februari 2018

Weekgreep #18-5: Mark Lowery Charlie en ik, Lenneke Westera De muizen en een mooi evolutieprentenboek van Floor Bal en Sebastiaan Van Doninck

De week waarin Pipi Langkous definitief zonder n-woord is (volgens de aanbiedingsfolder van de uitgever), de Waanzinnige boomhut alweer 91 verdiepingen blijkt te hebben en de verfilming van Leven van een loser ook weer tot een boek leidt: Leven van een loser, niet te filmen.

1. Mark Lowery: Charlie en ik ver van huis
Charlie, het drie jaar jongere broertje van Martin, is veel te vroeg geboren en heeft dat maar net overleefd. Hij is vaak ziek maar beschikt over een grote fantasie, ziet nergens gevaar in en is zijn grote broers beste maatje. Ze gaan samen, stiekem, op reis naar het zuidelijkste puntje van het land om een dolfijn te zien. Charlie en ik is Lowery's debuut in Nederland, maar de vijfde titel in eigen land. Hoewel ook dit boek erg humoristisch is, is het wat serieuzer van ondertoon dan de vorige vier, die titels hebben als The Chicken Nugget Ambush. Vanaf 10 jaar.

2. Lenneke Westera De muizen
Fien wordt van achter de klikobak door 160 kraaloogjes aangestaard. 'Peru' zeggen de muizen, en 'San Francisco'. Een ander zou aan de pillen gaan, maar Fien gaat op reis. Met heel veel muizen, je kan er maar beter niet bang van zijn, door illustrator Marc Suvaal. Lenneke Westera (1962) is een laat- en langzaambloeier. Na een werkzaam leven in de gezondheidszorg debuteerde ze in 2004 met het bijzonder aardige, filosofische vriendschapsboek Schaap en geit. Heel wat later volgde Vergeten. Ze is nu terug met De muizen. Vanaf 8 jaar, voorlezen.

3. Floor Bal en Sebastiaan Van Doninck Het hele soepzooitje
Erg leuk evolutieprentenboek van wetenschapsjournalist Floor Bal en de Vlaamse illustrator Sebastiaan Van Doninck. Het boek dat nog ontbrak naast Het raadsel van alles dat leeft van Jan Paul Schutten en Floor Rieder, en er wat illustraties betreft de concurrentie zeker mee aan kan. Het hele verhaal, maar dan razendsimpel en razendsnel. Van Doninck weet een mooi midden te vinden tussen geestig en kleurrijk modern en de statige sfeer van oude schoolplaten, waarin je tijdens de les kunt wegdromen. Vanaf 6 jaar.

zaterdag 3 februari 2018

Weekgreep #18-4: Oliver Jeffers versus Britta Teckentrup, Evelien de Vlieger heeft wat nieuws en het slavernijboek van Arend van Dam ligt bijna in de winkel

#1 Oliver Jeffers Die eland is van mij versus Britta Teckentrup De muis en de muur
Veel prentenboekengetetter afgelopen anderhalve week en terecht natuurlijk. Het belang van voorlezen en dus prentenboeken in de opvoeding kan nauwelijks worden overdreven. Geen reden om er een humorloze bedoening van te maken. Denk volgend jaar bijvoorbeeld eens aan deze prentenboekenmaker. Die eland van mij is niet zo ijzersterk als De krijtjes staken maar kom over zo'n geniaal boek nog maar eens heen. Wat illustraties betreft doet het er zeker niet aan onder. Wilfred heeft een eland, denkt hij. De hilarische lijst met zaken die 'zijn' eland allemaal voor hem gaat doen wordt langer en langer, ondertussen doet de eland lekker wat hij zelf wil.

Waarom iedereen ondertussen zo wegloopt met Britta Teckentrup? Haar brave boek Ssst! De tijger slaapt is prentenboek van het jaar en vlak voor de Nationale Voorleesdagen verscheen De muis en de muur. De muis en zijn vrienden zijn opgesloten binnen een hoge muur, de muis gaat buiten kijken en merkt dat de muur helemaal niet bestaat. En poef, de muur is weg. Nu zijn de dieren vrij, behalve de leeuw die binnen blijft. 'Want bange ogen durven niet te kijken, die zien niets.' Wat een moralistisch draakje! Ze zouden er in de jaren zeventig van gesmuld hebben. Laten we het over het sombere drukwerk maar niet hebben. Houten-kralenkettingen-pedagogiek. Er is zoveel frisser, moderner en vooral geestiger werk in de aanbieding.

2. Evelien De Vlieger Wish you were here
En wat is het toch met die Engelse titels op Nederlandse boeken de laatste tijd? Snap dat niet. Evelien De Vlieger kan schrijven en heeft dit niet nodig zou je zeggen. Na haar geestige Brei met mij verschenen een aantal jongerenromans die het midden opzoeken tussen chicklit en literair. De Vlieger pakt de meidenroman net even anders en wat ruiger aan dan het gebruikelijke getut in dit genre, daar kun je op vertrouwen. De motto's van René Char, de Pixies en Samuel Beckett voorin alleen al. Hazel heeft een gebroken hart en gaat als nanny aan de slag in een Engelse badplaats. Beetje vreemd: waar is de moeder van het jongetje van acht en zijn pasgeboren zusje?

3. Arend van Dam De reis van Syntax Bosselman
De geschiedenisleraar des vaderlands presenteert binnenkort een boek met een intrigerende titel over een wel bijzonder gevoelig onderwerp, het Nederlandse slavernijverleden. Syntax Bosselman is een Surinamer die tijdens de Wereldtentoonstelling van 1883 naar Nederland werd gehaald. Zijn verhaal en dat van vele anderen staan in dit boek. Arend van Dam publiceert in een moordend tempo over geschiedenis en aardrijkskunde en doet dat verdienstelijk. Naar Syntax Bosselman ben ik erg benieuwd.

In De Weekgreep signaleer ik vers uit de postbus de interessantste titels voor lezers, ouders en leerkrachten. Deze boeken liggen er net (of in een enkel geval: bijna) en zijn een bezoek aan de boekhandel waard.

zaterdag 20 januari 2018

Weekgreep #18-3: Edward van de Vendel & Sanne te Loo gaan olympisch schaatsen, voorleesboek met Ingrid & Dieter Schubert, de nieuwe David Almond

1. Edward van de Vendel, Sanne te Loo en Beorn Nijenhuis: De jongen die met de dieren schaatste
Querido heeft een inmiddels zeer uitgebreide serie waarin schrijvers verhalen maken met jongeren die iets indrukwekkends hebben meegemaakt. Je krijgt dan echte verhalen, maar wel goed geschreven. Edward van de Vendel, die met De gelukvinder toch al met stip de beste bijdrage leverde aan die bijzondere reeks, maakte een prentenboek volgens hetzelfde principe. Wat een gaaf idee. Schaatser Beorn Nijenhuis vertelt het verhaal van zijn jeugd in Canada en hoe hij daar trainde op een meer met alleen de dieren als gezelschap. Bijzondere aandacht verdienen de verbluffende illustraties van Sanne te Loo. Op het wat rommelige omslag van dit klein formaat prentenboek zie je het er niet aan af maar het binnenwerk had een veel groter formaat verdiend. Vanaf 8 jaar.

2. Annette Herzog, Ingrid en Dieter Schubert: Moemf heeft een vriend
De stompzinnige, koppig gelukkige grijns. Daarin verslaat geen enkele illustrator het wereldberoemde duo Ingrid en Dieter Schubert. Ze hebben met Moemf weer een fantastisch fantasiedier geschapen voor de voorleesverhalen van Annette Herzog. Moemf en zijn vriend gaan op zoek naar de lente, waar blijft die toch? Ongeduldig beginnen ze alvast een feest te organiseren. Als ze afscheid nemen van de winter, zijn ze ook een beetje verdrietig. Het boek verschijnt tegelijkertijd, met dezelfde illustraties, in het Duits. Vanaf 5 jaar.

3. David Almond Het avontuurlijke verhaal van Angelino Brown
Ik moet bekennen dat ik geen fan ben van het nogal geconstrueerde literaire oeuvre van David Almond, maar dit boek ziet er wel aardig uit. Om het truttige omslag moet je even heenkijken, het binnenwerk van Alex T. Smith is heel wat beter. Buschauffeur Bert Brown is zijn baan beu. Wie heeft bushaltes en passagiers uitgevonden? Ze hangen hem de keel uit. Dan vindt hij een engel in zijn borstzak. Die zet de boel op stelten. Niet heel origineel, geen hoogvlieger, wel lekker levendige weglezer. Vanaf 10 jaar.

In De Weekgreep signaleer ik vers uit de postbus de interessantste titels voor lezers, ouders en leerkrachten. Deze boeken liggen er net en zijn een bezoek aan de boekhandel waard.

zaterdag 13 januari 2018

Weekgreep #18-2: klassieker van Dino Buzatti, Ik ben je mama niet van Marianne Dubuc, Onbreekbaar van Hans Hagen

1. Dino Buzatti: De beroemde bereninvasie van Sicilië
Tijdens een ijskoude winter komen de beren uit de bergen van Sicilië, op zoek naar eten maar ook naar de door jagers ontvreemde zoon van berenkoning Leonzio. Het is een vorm van jeugdliteratuur die nauwelijks meer op deze manier gemaakt wordt maar in het midden van de vorige eeuw vrij veel voorkwam in Europa: onzinverhalen, vol gedichten, absurde wendingen en kolderieke personages. De in eigen land zeer beroemde. Dino Buzzati (1906-1972) werkte zijn hele leven voor de krant en schreef en tekende daarnaast verhalen. Zijn oeuvre is in het Nederlands zeer beperkt verkrijgbaar en zelfs in het Engels niet compleet. Deels op rijm vertaald door Renata Vos. De illustraties van de auteur, die ook strips tekende, ogen nog erg modern. Of hedendaagse kinderen er nog mee te behagen valt, hangt sterk af van leeservaring en geduld. Literatuurliefhebbers zullen ervan smullen en het graag in hun bibliotheek hebben.

2. Marianne Dubuc: Ik ben je mama niet
Ik ben een groot fan van het gedetailleerde, humoristische en licht wereldvreemde werk van Marianne Dubuc. In haar nieuwste vindt de eekhoorn op een dag een ei voor zijn deur waar al snel een vreemd, dik wezentje komt. Het wezen accepteert de eekhoorn direct als moeder, de eekhoorn blijft maar proberen om de echte te vinden.

Hans Hagen: Onbreekbaar
Deborah van der Schaaf illustreerde met fantasievolle collages en beeldbewerkingen deze nieuwe bundel jongerenpoëzie van Hans Hagen. De vorige, Hoe angst klinkt, is alweer uit 2012. Hans Hagen is samen met zijn vrouw vooral bekend van postergedichten voor jongere kinderen zoals Jij bent de liefste (2000), maar zou juist meer aandacht verdienen met zijn toegankelijke, maar toch subtiele gedichten over liefde, intermenselijke relaties en de dood voor jongvolwassenen. Opvallend aan deze uitgave is de geestige en toch volwassen vormgeving, erg geslaagd.

zaterdag 6 januari 2018

Weekgreep #18-1: Zeb. van Gideon Samson, Meneer Hummeling van Joukje Akveld en Schroot van Danny De Vos

Een goed leesjaar gewenst! Omdat het wat rustig is in de postbus, een aankondiging en twee laatkomers die zijn blijven liggen in de kerstvakantie.

1. Gideon Samson Zeb.
Meester van de soepele stijl Gideon Samson staat bekend om zijn indringende realistische boeken, die steeds de grenzen opzoeken van wat nog kan in een jeugdroman. In Zeb. gaat hij, samen met de nog niet zo bekende illustrator Joren Joshua, voor iets jongere lezers, op zoek naar de grenzen van zijn fantasie. Op een dag zit er een zebra in de klas, maar niemand lijkt het gek te vinden. Ozzie gaat een grap kopen om indruk te maken op een meisje, maar de grappen zijn te duur. Er wordt een demonstratie georganiseerd omdat het huilen is afgeschaft. Veelbelovend. Vanaf 17 januari in de winkel.

2. Joukje Akveld Meneer Hummeling zoekt een vrouw
Ze maakte naam met journalistieke boeken over dieren in de knel, maar begon haar schrijfcarrière met prentenboeken. Ze werkt graag samen met zoveel mogelijk verschillende illustratoren. Nu met kleurenknaller Noëlle Smid. Samen vertellen ze het verhaal van een vrijgezelle walrus, die op zoek is naar een vrouw. Dat blijkt nog niet zo gemakkelijk. Ze moet namelijk wel van roze houden.

3. Danny De Vos Schroot
Een bankroete autosloperij is het spannende decor van Schroot, een avonturenverhaal van de laat gedebuteerde Vlaamse kinderboekenschrijver Danny De Vos (1967). Rico's vader werkt voor de kort geleden verdwenen eigenaar van de sloperij en van de ene op de andere dag is zijn speelterrein verboden gebied. Dat maakt het bezoek ervan natuurlijk alleen maar aantrekkelijker. Hij blijkt alleen niet de enige die er graag komt.

In De Weekgreep signaleer ik vers uit de postbus de interessantste titels voor lezers, ouders en leerkrachten. Deze boeken liggen er net of bijna en zijn een bezoek aan de boekhandel waard.

zondag 3 december 2017

Weekgreep #7: twee sterke stemmen en een degelijke denker

1. Mette Eike Neerlin: Paard paard tijger tijger
Als Bernadette Custers het vertaald heeft, dan weet je bijna zeker dat het goed is. Deze in elk geval: Mette Eike Neerlin, interessante Deense debutante, met Paard paard tijger tijger, over Honey, die in een gezin opgroeit dat anders is. Ze zorgt voor een verstandelijk gehandicapte zus en haar vader leent regelmatig geld van haar en is trots op nieuwe tatoeages. Vooral een boek waarvan in de eerste regels de sterke stem opvalt, een stem waar je naar wilt luisteren.

2. Lydia Rood: Niemands meisje
Nog een geluid dat je meteen meeneemt: dat van Liesbeth in Niemands meisje, de nieuwe jongerenroman van Lydia Rood. Rood heeft patent op sterke stemmen, maar is de afgelopen jaren hoofdzakelijk bezig geweest met vlot geschreven lekkere weglezers en series. Niets mis mee, maar ik mis de emotionele wervelwind uit haar beste boeken en dit lijkt er eentje waar veel meer inzit. Sowieso spannend: van begin tot eind dialoog tussen een (vermoedelijke) hulpverlener en (vermoedelijke) patiënt nadat er (vermoedelijk) iets vreselijks is gebeurd. Voor het te veel over het plot gaat: het is de toon die Liesbeth aanslaat, die smeekt om gelezen te worden.

3. Janny van der Molen: Grote gevoelens
Niet zo'n mediamagneetje als televisiefilosoof Stine Jensen: Janny van der Molen. Van haar verscheen net Grote gevoelens, de psychologische opvolger van Grote gedachten. Wat mooi vormgegeven weer. Over onderwerpen die iedereen bezighouden: ben ik mijn genen of mijn opvoeding, doe ik wat ik zelf wil of doe ik anderen na, geestesziekten, gender en identiteit en de hamvraag: kun je jezelf kennen en je reacties voorspellen? Belangrijk verschil met Jensen is dat Van der Molen gaat voor degelijkheid en haar boeken grondig doordenkt, waar Jensen meer door de materie vlindert. Dat maakt Van der Molen, zoals ik al vaker heb verzucht, wel wat braaf. In dit boek komt daar met bacootjes, seks en mindfucking wellicht verandering in.

In De Weekgreep signaleer ik vers uit de postbus de interessantste titels voor lezers, ouders en leerkrachten. Deze boeken liggen er net en zijn een bezoek aan de boekhandel waard.

zaterdag 25 november 2017

Weekgreep #6: De stad van Ingela, prachtige uitgave van De Notenkraker en ver gaan met Annemarie Bon

1. Ingela P. Arrhenius De stad van Ingela
Dieren, het onderwerp van haar vorige boek, werken misschien beter bij kinderen dan de stad, waar iets lastiger een verhaal bij te vertellen is. Winkels en gebouwen en lekkere lettertypes, daar draait het dit keer om. Daarom meer een slingerboek dat je elke dag op een andere bladzijde openlegt, dan om mee te gaan zitten. Toch blijft het blijft een oogpakker, die Ingela. Volwassen fans hangen posters van haar in de huiskamer op. In steden als Kopenhagen en Stockholm is daar via huisraadboetiekjes levendige handel in. Ingela heeft die zeldzame kracht die bijvoorbeeld Fiep Westendorp ook had. Toch hoop ik op eerst veel meer prentenboeken en pas dan brooddoosjes en melkbekers en kinderchampagne met Ingela. Boek zoekt kleuterklas!

2. E.T. A. Hoffman De Notenkraker
Excuses voor het Scandinavische design in deze weekgreep; het kan nog een graadje erger. De Fins-Britse Sanna Annukka ontwerpt prints voor onder meer kussens in Brighton en laat zich daarbij inspireren door de Sami-cultuur. Ze doet nu ook kinderboeken, waarvan de eerste Nederlandstalige deze prachtige uitgave van Hoffmans Notenkraker is. Niet de versie van Pjotr Iljitsj, maar de oorspronkelijke. Hoffman schrijft lekker bloemrijk, hijgerig proza en mocht Dostojevski en Couperus tot zijn fans rekenenen. Blijven uitgeven van dit soort werk is noodzaak. Fijn als het in dit soort prikkelende samenwerkingsvormen gebeurt, modern maar met het gevoel alsof er een ijskoude wind van achter de Wolga tussen de regels waait. In het Engels zijn ook verhalen van Andersen in deze vorm verkrijgbaar.

3. Annemarie Bon Challenge
Er verschijnen wel erg veel Nederlandstalige boeken met een Engelse titel en dat valt op geen enkele manier goed te praten. Verder is deze jongerenthriller niet onverdienstelijk geschreven. Lekker strak vormgegeven met een Dematons-achtig vogelperspectief op het omslag. Jens is net zijn natuurminnende vader kwijt en gaat met zijn moeder op vakantie in Horrormolinos. Raakt met nieuw gemaakte vrienden verstrikt in een uitdagingenwedstrijd. Bon noemt zichzelf een 'literaire kinderlokker'. Meters maken met lezen doe je ook zó, dat is waar.

In De Weekgreep bespreek ik vers uit de postbus de interessantste titels voor lezers, ouders en leerkrachten. Deze boeken liggen er net en zijn een bezoek aan de boekhandel waard.