maandag 26 oktober 2020

Weekgreep #20-14

43. Kacen Callender Dit is best wel een episch liefdesverhaal
In de nieuwe serie Glow van Querido zullen de komende jaren romans verschijnen met lhbti-jongeren als hoofdpersoon. Van homo-jongerenromans zijn er al behoorlijk wat, sommige behoren zelfs tot de beste youngadultboeken die ooit zijn verschenen. Glow belooft meer daarvan, met aandacht voor de rest van de regenboog. Er schuilt een gevaar in die aanpak: als je niet uitkijkt, wordt het al snel minderheden afvinken. Dit is best wel een episch liefdesverhaal van Kacen Callender (Querido; € 18,99), het eerste deel van de reeks, heeft een jonge homoseksuele hoofdpersoon van Afro-Amerikaanse afkomst en dat is uniek. Goed dat er een openhartige eerste-keer-seksscène in zit, lees je ook niet vaak. Maar het verhaal over Nate, die scriptschrijver wil worden in New York, staat verder vol met clichés, geforceerde jongerentaal en flauwe grappen. Geen doorkomen aan. Zonder de juiste labels zou dit youngadult-romannetje niet veel kans maken: het is gewoon niet goed genoeg. 16+

Opkomst Engelse boeken in Nederland, onder zestienjarige meisjes

Waarom lezen kinderen grofweg vanaf de brugklas niet meteen in het Engels? En dan niet een kinderboek van Dahl om te oefenen, maar gewoon iets wat voor hun leeftijd of wat ze domweg interesseert? Van de Potterserie was al bekend dat vrij jonge fans al niet op de vertaling wachtten en dat heeft waarschijnlijk alles te maken met de meiden van zestien die young adultseries gewoon meteen in de brontaal aanschaffen. Zelf kreeg ik lol in Engels door Adrian Mole. Omdat het op die leeftijd meestal niet over literatuur gaat, hoor je er niet zoveel over. Maar ik zie juist wel mogelijkheden: de wereldliteratuur die je daarna kan gaan lezen, is zoveel groter dan ons eigen literatuurtje. Leuk interview vanochtend op Radio4 hierover met Feico Deutekom, pianist en directeur van Penguin Random House.

maandag 27 juli 2020

Weekgreep #20-13

42. Ben Davis Alles wat ik nog met Gizmo wil doen
Debuut in Nederland van Ben Davis. Aandoenlijk concept: Lukas bedenkt wat zijn zieke, 14-jarige (dus 78-jarige) hond nog wil doen voor hij sterft. Tussendoor dagboek van de hond zelf. De auteur wordt al de nieuwe Leven van een loser-schrijver genoemd, vanwege 'The Private Blog Of Joe Cowley, niet in het Nederlands verkrijgbaar. Vertaald door Emiel de Wild, een naam die ik al heel lang verlang terug te zien, maar dan als auteur. Hoe dan ook een aanbeveling voor dit boek, dat hij het vertaalde. Om nog snel in te pakken voor vakantie, of juist voor de hangdagen daarna. 9+

41. Marloes Morshuis Quotum
Marloes Morshuis staat voor grimmig en dan nog grimmiger. Borealis hakte er al stevig in met dingen die in normale kinderboeken niet gebeuren, ook Project Z gaat er meteen vol in. Axel en Tommy zijn na het ingaan van de ontvolkingsplannen van de Wereldraad tot 'slinkers' betiteld, wat voorlopig betekent dat er geen gas en licht meer is in hun huis en dat Axel en Tommy niet naar school gaan maar vuilnis ophalen. Voorlopig. Sterk omslag en originele vormgeving van de zijkant van de bladzijden door Megan Hoogenboom. 11+

40. Lars Bové en Yannick Pelegrin Spionage
Het beste handboek voor spionnen had ik zelf als tienjarige, maar die is al heel lang niet meer in de handel. Toegegeven: dat was toen computers nog niet in je schoen pasten en je nog kon observeren door een gat in de krant. Sterk aan dit boek zijn de strakke vormgeving, de boeiende illustraties van vers afgestudeerde striptekenaar en illustrator Yannick Pelegrin en de interessante weetjes van journalist Lars Bové, die met dit informatieve kinderboek debuteert. Wat er mist is: het doen. Helemaal aan het eind krijg je een paar codes en tips en dat is het wel. Terwijl er juist over de kunst van het overbrengen van geheime berichten (wat als je geen digitale middelen kan gebruiken, vanwege de veiligheid?) zoveel te vertellen is en met die kennis en vooral vaardigheden eindeloos veel te beleven valt. Een soort goochelen, maar dan met heel andere belangen. Dit boek is voor wijsneuzen, niet voor doeners. Misschien een idee om een losbladige cursus te ontwikkelen bij deze inleiding. (Uiteraard krijg je die afleveringen dan elke keer anders, in geheime inkt, verstopt in een pen of met speldenprikjes onder letters in een krant.) 10+

39. Petr Horáček De fijnste plek van de wereld
De zacht-grappige prentenboeken van de in Engeland woonachtige Tsjecho-Slowaak Petr Horáček hebben geen introductie meer nodig. In dit zonnige verhaal piekert haas wat de fijnste plek van de wereld is. De heuvel om op te stoeien, de plek waar beer zijn honing haalt, de rivier waar eend in zwemt, het bos van uil? Die dingen zijn toch overal op de wereld, denkt haas. Dus gaat hij op reis. En het klopt, overal op de wereld vindt hij zulke plekken. Toch mist er iets. Wat zou dat zijn? Vertaling Jesse Goossens. 4+

In mijn rubriek
Aandacht voor kleur in kinderboeken.

In het nieuws
Een kwart van de Nederlandse jongeren komt met een leesachterstand van school. Om hen enthousiast te maken voor taal en lezen, kunnen jongeren gratis workshops volgen om de beste trucjes met taal te leren. Dit project heet Taalbaas en schrijvers als Alex Boogers en Margje Woodrow geven deze workshops.

maandag 20 juli 2020

Weekgreep #20-12

38. Philip Bunting De wereldse wijsheid van de mier
Het jammere van veel natuurboeken is dat er een wat suffige en nuffige ondertoon in zit. Dit strak geïllustreerde info-boek over mieren heeft humor. Maak kennis met de mier, waar we bekende en minder bekende feitjes over te weten komen. Erg leuk om voor te lezen, dat heb ik met een info-boek eerlijk gezegd ook niet eerder meegemaakt. De Australische Philip Bunting is geen entomoloog, maar gelooft 'dat je de antwoorden op de grootste vragen in je achtertuin kunt vinden. (Als je maar goed kijkt.)' Zijn portfolio bevat nog veel meer aantrekkelijk ogende boeken. De punt aan het eind van de titel is zijn handelsmerk. Benieuwd naar meer vertalingen. 7+

37. M.G. Leonard, Sam Sedgman en Elisa Paganelli Dader op het spoor, de juwelendief
Wat kan er nu tippen aan een trein, zei Agatha Christie al en voorin dit boek doet ze het weer. En terecht: een rondrit door Engeland met boeven aan boord, veel feestelijker krijg je het niet. M.G. Leonard, bekend van Keverjongen, schreef het samen met mystery-schrijver Sam Sedgman en Elisa Paganelli maakte de illustraties. Vlot vertaal door Marce Noordenbos. De vakantieleestips vliegen natuurlijk ieder om de oren, maar... dit is er zeker een. 9+

36. John Bond Klein Konijn helpt mama
Doet wat stijl en aanpak nogal aan Chris Haughton denken, maar mag er zeker ook zijn. Voor iets oudere kleuters en zelfs tienjarigen vinden de humor van Bond wel aanstekelijk, in mijn ervaring. Net als in voorganger Niet kwijt beleeft Klein Konijn het tegenovergestelde van wat in de titel staat. Hij wil heel graag mama helpen door een brief te bezorgen. Hij moet daarvoor helemaal naar de grote stad. Vertaald door Manon Sikkel. 5+

35. Hanneke Groenteman De Battle
Sympathiek, maar kwalitatief niet zo indrukwekkend debuut van Hanneke Groenteman. Die leerde toen ze een aantal weken in een asielzoekerscentrum rondkeek Yara kennen en verwerkte haar in dit verhaal over een vijftienjarige asielzoeker die moeite heeft om aansluiting te vinden in de klas. Voor een werkstuk over helden moet ze samenwerken met hockeymeisje Hanna en ontstaat er een hechte vriendschap, waar natuurlijk nog het nodige voor moet gebeuren voor Yara helemaal door iedereen geaccepteerd is. Het verhaal werkt wel erg vlot naar een wel erg gemakkelijk happy end toe. Dat de schrijver, zelf in de Tweede Wereldoorlog onderduiker, veel ervaring heeft met uitsluiting en kinderen van vandaag wat beters gunt, ligt er dik bovenop. Misschien iets te dik. Groenteman luisterde goed naar pubers en treft in de dagboekfragmenten en chatgesprekken de tienertoon goed, maar heeft in haar eerste jeugdboek wel erg veel problemen willen stoppen en daar tegelijk erg weinig nieuws over te melden. 12+

maandag 13 juli 2020

Weekgreep #20-11

34. Hollis Kurman en Barroux Iedereen telt mee
Een in eerste instantie wat naargeestig telboek dat begint met een brandend huis (nul thuis), één boot, twee handen, drie maaltijden en vier bedden tot de vluchtelingen in een Europees land onderdank vinden en tien nieuwe vrienden vinden om mee te spelen. Debuut van Hollis Kurman, geïllustreerd door de in Nederland enkele keren eerder uitgegeven Frans-Canadese illustrator Barroux. Tegelijk verschenen in een aantal landen, de hoofduitgever het in diverse en inclusieve kinderboeken gespecialiseerde Otter-Barry Books uit Londen. Goed bedoeld en goed gemaakt, en ook zeker een verhaal dat verteld moet worden, maar ligt er wel wat dik bovenop. 4+

33. Lisa Boersen, Hasna Elbaamrani en Annelies Vandenbosch Duizend-en-één paarse djellaba's
Wie wel eens in Marokko geweest, kan zien hoe goed de Leuvense illustrator Annelies Vandenbosch de heet-stoffige, kleurenpracht van Marrakech heeft getroffen waar Esmaa die zomer terechtkomt. Als de cadeautjes - chocopasta, pindakaas - voor de familie zijn uitgepakt en de cadeautjes voor straks terug thuis weer in zijn gepakt - walnoten en amandelen - gaat Esmaa naar de markt, met tante en haar moeder, in een nieuwe paarse djellaba. Als ze kwijtraakt, blijkt dat heel veel moeders een paarse djellaba aanhebben. Dankzij een slimme waarzegster, een apentemmer en een groepje acrobaten komt het weer goed. Lisa Boersen heeft al de nodige kinderboeken op haar naam staan, mede-auteur Hasna Elbaamrani werkt bij jongeren- en debatcentrum Argan in de Amsterdamse wijk Slotervaart. 5+

32. Einat Tsarfati Binnen bij de buren
Leuk concept: meisje heeft de wildste fantasieën wie er achter de deuren wonen in haar flat van zeven verdiepingen. Circusartiesten? Zeemeerminnen? Dat levert boeiende zoekplaten op en stiekem ook een verhaal waarin meer-culturen-buren de gewoonste zaak van de wereld zijn. Online kun je ook een gratis boekje downloaden waarmee je, eventueel samen met je ouders, kunt informeren naar je buren. 5+

31. Lisbeth Kaiser en Marta Antelo Rosa Parks
Het was al een mooie serie, met aandacht voor de jeugd van beroemde meisjes en vrouwen zoals Anne Frank, Frida Kahlo en Marie Curie, maar nu pas echt compleet met Rosa Parks. McCauley, Parks was de achternaam van haar man, kaartte het onrecht niet alleen aan, ze veranderde er ook echt iets aan. Dankzij haar en de velen die haar voorbeeld volgden, verdwenen een aantal rassenregels. Al kun je je afvragen wanneer zulk werk ooit klaar is; pijnlijk om te lezen dat ze na het succes van haar protesten in het Alabama waar ze opgroeide niet meer veilig was en zich gedwongen voelde om haar werk voort te zetten in Detroit. Kort en goed verteld door Lisbeth Kaiser, strak geïllustreerd door Marta Antelo. 5+

maandag 6 juli 2020

Weekgreep #20-10

30. Saskia Maaskant Meerminnen verdrinken niet
Janna's vader overleeft een ongeluk in de Rotterdamse haven niet en haar moeder draait door. Janna gaat bij haar oom en tante in het Zeeuwse Bruinisse wonen. Of liever Bru, zoals de inwoners het dorp naar de afkorting op hun mosselschepen noemen. Ze stelt zich het zich tijdens de lange reis met tram en stoomboot voor alsof een het een groot deel van de tijd onder water ligt en dat ze door de tuinen en stegen zal kunnen zwemmen. In werkelijkheid krijgt ze het te stellen met een tante die geen kinderen kon krijgen en erg aan Janne moet wennen, stinkende vis met sufgekookte groenten en een niet onaardige maar strenge oom, die het Onze Vader ('Want van U is het Koninkrijk en de kracht en de heerlijkheid tot in eeuwigheid. Amen.') woordelijk hetzelfde bidt als mijn eigen, ongetwijfeld precies even protestantse opa. Collega-schrijver Suzanne Woude mocht het manuscript lezen en vergelijkt het boek met Negen open armen van Benny Lindelauf. Daar zit wel wat in. Veel sfeer, veel beelden metaforen die passen bij die sfeer (in dit geval mossels, zout, storm en touwen), veel praten over, veel dialect, de meeste enge dingen niet in het echt maar in de broodjes aap en spookverhalen die de kinderen elkaar vertellen, mosselrecepten en veel dromen tot eindelijk die vergeten storm, 30 september 1911, losbarst. Geïllustreerd door Vicky Maaskant, de zus van. 13+

29. Maranke Rinck en Martijn van der Linden De popcorn spion
Net wat langer dan gewone eerste leesboekjes en vooral: geen getut, een gezonde portie onrecht en heel veel grappiger. Tot blijdschap van haar twee vaders neemt de school van Ellis stappen om een Nog Gezondere School te worden. Er komt geen suikerkorreltje meer in. De directeur en de boer van de popcornfabriek waar Bob vandaan komt, nemen ondertussen het vliegtuig naar Nederland. Nu is het geheim van Ellis en haar ontplofbare vriend in gevaar. Gelukkig is daar de charmante klasgenoot Dante. En blijkt Bob een meester in zich vermommen. Met een leuke knipoog naar zelfleescollega Paul van Loon. Wat een fijne serie is dit toch. 7+

28. Tjibbe Veldkamp en Noëlle Smit Vuilnisvarkens Job & Bob
Voor iedere vader die met dochter of zoon op het stuur achter vuilniswagens is blijven hangen. Nee, we hoeven er écht niet langs. Ik was zo'n vader. In het boek een hondje, dat ook zo is: hij wil graag mee. Maar ja, daar kunnen vuilnisvarkens Job en Bob natuurlijk niet aan beginnen. Het hondje blijft proberen. Herhaling, rijm, strak geïllustreerd. 3+

27. Wibke Brueggemann Liefde is voor losers
Zal wel Vlaams zijn, denk je bij zo'n debutant, maar Wibke Brueggemann (met dubbel-n) komt oorspronkelijk uit Duitsland en streek via een omweg door Amerika in Londen neer. De vijftienjarige Phoebe is bevriend met Polly, maar die krijgt iets met Tristan en dat is heel saai. Phoebe papt aan met Miriam, die iets onsmakelijks krijgt met Jacob. Moeder werkt voor Artsen Zonder Grenzen in Syrië, Phoebe logeert bij Kate die haar veel ruimte geeft. Op de haarbalkatten van Kate is Phoebe ook al niet zo dol. Iets te opgefokt, iets te veel zo-schrijf-je-voor-jongeren, daar heeft ze Brueggemann dan ook officieel een papiertje voor gehaald. Juist tussen dat bijna alledaagse opgefokte pubergezanik, zijn de net zo gewone gevoelens die Phoebe terloops voor Emma ontwikkelt mooi terloops. Vertaald door Aimée Warmerdam. Stoer Nederlands omslag, gelukkig ontschooluniformd, door Emma Ringelding. 14+

In het nieuws
Kinderen 'lazen' twee keer zoveel luisterkinderboeken tijdens lockdown. Dat meldt Jeudjournaal in een bericht over de populairste luisterboeken, de Harry Potter-serie, die opnieuw is ingesproken. Luisterboeken zijn bij de jeugd al langer in opkomst. Het populairste boek na Potter is De brief voor de koning van Tonke Dragt.

maandag 29 juni 2020

Weekgreep #20-09

26. Sjoerd Kuyper en Thé Tjong-Khing Het boek van de sterren
Iedere avond vertelt opa aan Elfie het verhaal van de sterren. Hoe de zon en de maan de aarde als kind krijgen en de aarde, geïnspireerd door de sterren, de dieren en de mensen droomt. Maar het boek valt in de zee en beleeft, van dier tot dier, zijn eigen avontuur. Gelukkig kent Elfie het verhaal uit haar hoofd. De tekeningen gaan, zoals we van Thé Tjong-Khing gewend zijn, geheel hun eigen weg en zo zijn er in dit kleine, knusse boekje maar liefst drie vervlochten verhalen te vinden. De raamvertelling, het verhaal van de sterren en het verhaal van het boek. Twee oude rotten, twee pennen. Kan niet mis gaan. 5+

25. Jonty Howley Grote jongens huilen wél
Zeker weten. Dus helemaal niet nodig om te zeggen. Zou je denken. Maar laten we vandaag verder maar heel expliciet zijn: 'En dat is helemaal oké.' Nederlands debuut van Britse illustrator en schrijver met de in dit geval toepasselijke achternaam. Vertaald door Gideon Samson. 5+

24. Anke Kranendonk Kees naar de koeien
Hè fijn, een nieuwe Anke Kranendonk. Na de tienerserie over de eigenwijze Lynn, Lynn 2.0 en Lynn 3.0 kwamen een aantal prima eerste leesboeken bij Zwijsen en Querido, maar was het verder een beetje stil. Nu, ook voor een wat jongere doelgroep, een aangenaam zomers verhaal over Kees en zijn cavia Beer Hector Zwabber Poedel, die allebei dol zijn op Septimia. Een keer hebben ze haar ontmoet. Alleen Kees kan daar wat aan doen. Daarvoor moet hij een hoop moed verzamelen en nieuwe vrienden maken. Mooi verzorgde uitgave, fijn geïllustreerd door Annemarie van Haeringen. 7+

23. Katherine Rundell Waarom je kinderboeken moet lezen zelfs al ben je oud en wijs
Katherine Rundell schrijft aanstekelijk over hoe ze als kind een 'onbesuisde' lezer werd en waarom ze vindt dat volwassenen ook kinderboeken moeten blijven lezen. Met het voorbehoud, dat er ook kinderboeken zijn die je niet hoeft te lezen, in het bijzonder als ze over poep en pies gaan of dinosauriërs. Ik moest daar erg om lachen. Poep- en piesboeken hebben in Nederland een betere reputatie dan in Engeland, dat blijkt. Of misschien ligt het aan mij. Dan geeft ze het prachtige advies: 'Beschouw kinderboeken als literaire wodka.' Goed gesproken, zo is het. Het feest wordt ingeleid door kinderboekenambassadeur Manon Sikkel, die, natuurlijk een stuk korter, haar liefde voor Dahl belijdt (en de schok toen ze er via zijn biograaf achter kwam wat een onaangename man het was), zich verbaast over de uitspraak van Buwalda die volwassenen die kinderboeken lezen wantrouwt, en vervolgens pleit om toch vooral álles te lezen. Interessant boekje, om eens goed leesdronken van te worden.

In het nieuws
Ophef (een beetje) over Slaaf kindje slaaf, ook verschenen als Hoe mooi wit ik ben, van Dolf Verroen. In dit boek krijgt Maria een slaafje: Koko. Het speelt, uiteraard, in de tijd voor de slavernij werd afgeschaft. Juist omdat hoofdpersoon Maria geen idee heeft en kamermeisje Koko volstrekt vanzelfsprekend vindt, is het boek confronterend om te lezen. Er staat nergens wat nú vanzelfsprekend is, zoals wel vaker in literatuur. Wie vindt dat zo'n boek niet zonder begeleiding gelezen mag worden en dus eigenlijk een beetje fout is, legt de verantwoordelijkheid op de verkeerde plek. Dat er kennelijk op sommige scholen te weinig onderwijs over slavernij wordt gegeven - dat gênante onderwerp laten we liever over aan kinderboekenschrijvers - is niet de schuld van Dolf Verroen. Dat kinderen die zich juist met Koko identificeren zich gekwetst voelen, omdat ze wel vaker het gevoel hebben dat in Nederland racisme vanzelfsprekend is en onvoldoende wordt tegengesproken, is heel verdrietig, maar niet de schuld van Dolf Verroen. Dat hele volksstammen alleen expliciete, letterlijke teksten begrijpen, niet tussen de regels kunnen lezen en geen gevoel hebben voor dramatische ironie, wiens schuld zou dát zijn? Je zou bijna denken: wil Verroen niet juist aan die drie dingen wat dóen? Zou het? Dit is niet het moment om één integere schrijver onterecht te bekritiseren, dit is het moment voor ouders en leraren om op te staan tegen racisme (ik zeg het maar even expliciet) en voor beter geschiedenis- én literatuuronderwijs.