zondag 15 november 2009

Hoving bekent kleur; of niet

De tweede fantasyroman van dr. Isabel Hoving is een mooi voorbeeld van hoe uitgeverij Querido is veranderd sinds het vertrek van Ary Langbroek. Een opvallend verschil in presentatie: toen een klassiek ogend omslag, nu iets waar de fantasy vanaf druipt. Zo'n openlijke knieval aan de pulp was onder Langbroek ondenkbaar. Het hele genre was trouwens ondenkbaar, hoewel voor Hoving dus een uitzondering werd gemaakt. Of de fantasyfans er blij mee zullen zijn, is echter nog maar de vraag. Inhoudelijk lijkt Het verbond van de bliksems op het eerste gezicht sterk op het met een Gouden Zoen bekroonde De gevleugdelde kat (2002), dat het met ruim 20.000 verkochte exemplaren best aardig deed. Opnieuw valt haar moraliserende toon op. In gesprek met het Leidse universiteitskrantje Mare vertelde de deskundige op het terrein van vrouwenliteratuur indertijd dat ze geïnspireerd was geraakt door de hevige emoties die ze, ondanks zichzelf, had gevoeld bij het lezen van Tolkien. 'Wat ik wou was diezelfde ontroering teweegbrengen maar dan in een universum dat niet seksistisch of racistisch is.' Het verbond van de bliksems gaat over de opwarming van de aarde. Dat hoeft niet erg te zijn, als de redactie er dit keer wél in geslaagd is Hoving in te tomen en haar niet toe te staan haar boek te overladen met thema's en motieven. Wat toen ongetwijfeld de motivatie is geweest om net te doen alsof De gevleugelde kat geen fantasy was, maar literatuur. Zou de schrijfster dit keer wél een spannend boek afleveren? We zullen zien.

vrijdag 13 november 2009

De Bodt: moderne illustratoren pretentieus

'Heel esthetisch, bloedserieus en bijna pretentieus', zo noemt bijzonder hoogleraar Saskia de Bodt moderne illustratoren vandaag in de kunstbijlage van de Volkskrant. 'Dertig jaar geleden werden kinderen vriendelijker, baldadiger en met meer humor afgebeeld.' Haar favoriete illustrator is Quentin Blake. De Bodt werkt aan een History of Dutch Illustration en spreekt vandaag haar oratie uit aan de Universiteit van Amsterdam.

woensdag 11 november 2009

Thank God, It's Sinterklaas

Ein-de-lijk. Vanavond om 17.39 kondigde Dieuwertje Blok het einde van een lang jaar aan. Het Sinterklaasjournaal is begonnen en dus mag De Verboden Naam weer worden genoemd. Eigenlijk is het een opluchting. Of er nu over De Man Met De Baard werd gesproken of over Sinterklaas, één Van Lenteren dacht 365 dagen per jaar aan Hem. Wel, misschien wat minder rond haar eigen verjaardag. Maar dat was het dan ook wel. Nu het weer mag, valt er een last van onze schouders. En dit geweldige boek mag weer van achter de andere boeken vandaan, waar ik het verstopt had. Een van de weinige titels van het afgelopen decennium waarvan ik zeker weet dat het wel een paar generaties mee kan. Ik verheug me nu al op het grootvaderschap. Nee, schat, dat boek moet je écht verstoppen. Geloof je oude vader nu maar!

maandag 9 november 2009

De terugkeer der klassiekers: Barbapapa

Ik zie het als een teken des tijds dat zo veel klassiekers terugkomen. Je kunt natuurlijk gelijk weer een boom opzetten over uitgevers die zich te weinig inzetten voor nieuw talent (hard werken) en liever vertalingen uitgeven en klassiekers uit de oude doos halen (zo gepiept). Maar kennelijk is er een markt voor. Die kinderen van de jaren zeventig, zoals ik, zitten nu met de kleintjes thuis. Mijn dochter trok deze Barbapapa zo uit mijn boodschappentas vol recensie-exemplaren en wil er geen afstand meer van doen. Dat is vaak ook wel de kracht van de naoorlogse klassiekers: de auteurs waren meer met kinderen bezig dan met zichzelf. Dat wil overigens niet zeggen dat hun werk de toets der kritiek altijd kan doorstaan. De verhaaltje blijken, als dochterlief er eindelijk even niet naar omkijkt, wel erg oubollig en moralistisch. Maar het principe van de blubberwezentjes die zich in alles kunnen veranderen wat ze maar willen blijft natuurlijk geweldig. De naam komt trouwens van het Franse barbe à papa, wat zoiets als suikerspin schijnt te betekenen.

Eindelijk interessant kinderboekenweekhema

Over een jaar eindelijk een interessant onderwerp voor de Kinderboeken- week: 'Illustreren'. Goed, vorig jaar was het thema poëzie ook best aardig. En tenminste inhoudelijk. Maar laten we wel wezen: aan de verkoopcijfers was wel weer te zien dat hele andere boeken in de belangstelling stonden van kinderen en hun ouders. En misschien ook wel terecht. Dit jaar was helemaal verschrikkelijk, met het thema 'Eten', waar mijn krant uit pure armoe dan maar iemand van de kookrubriek op had gezet.

Messen wetten
Voor volgend jaar kunnen we echter onze messen vast wetten. Een onderwerp dat iedereen relevant vindt. Waar ook wel de nodige discussies over te voeren zijn. En ook gewoon nog wat interessants over te vertellen is aan collega en leek. Bah! Da's nou al voor de tweede keer in twee maanden dat ik de Stichting CPNB een compliment moet gaan geven.

Wie het het bontst maakte
Wel benieuwd wat Mirjam Oldenhave met dat thema gaat doen. Ik zou het niet weten, als ik haar was. Gelukkig zijn er van de afgelopen tien jaar zo wat voorbeelden te vinden van themaweigering. Collega populaireboekenschrijver Francine Oomen, toen nog niet zo vreselijk bekend, maakte een lange omweg rond het 'Bos' en kwam uit bij een vrolijk scheidingsverhaal onder de titel Het Zwanenmeer (2003). Edward van de Vendel maakte het nog wel het meest bont. Bij het thema 'Magie' presteerde hij het om met de titel Wat rijmt er op puree? (2005) te komen. Een paar jaartjes te vroeg was onze dichter. Tsja, wie laat hém dan ook met zo'n thema aan de slag? En thema's zijn sowieso niet om over naar huis te bloggen. Maar voor één keer ben ik reuze benieuwd!

Op het verkeerde been gezet
In reactie op de reacties (zie onder) moet ik vaststellen dat ik mezelf op het verkeerde been heb gezet. Wie het kinderboekenweekgeschenk ooit geschreven, weet het beter dan ik. Misschien ben ik beter in thema's dan ik dacht, maar ik kwam bij het nalopen van de tien kinderboekenweken die ik als recensent heb meegemaakt, erop uit dat met enige fantasie 7 uit 10 schrijvers zich wél aan het thema hield:

2009: Jan-Paul Schutten: informatief boek over eten, thema 'eten'
2008: Hans Hagen: verhaal over een dichter, thema 'dichten'
2007: Lydia Rood: spannend avonturenverhaal over geheimzinnig spel, thema 'geheimen'
2006: Bibi Dumon Tak: informatief boek over dieren, thema 'dieren'
2005: Edward van de Vendel: verhaal over dichtende tweeling, thema 'magie'
2004: Paul Biegel: verhaal over een trompettist, thema 'muziek'
2003: Francine Oomen: verhaal over scheiding, thema 'bos'
2002: Rinderd Kromhout: verhaal over een vlot, thema 'boten'
2001: Guus Kuijer: laatste Pollekeboek, thema 'hobby'
2000: Sjoerd Kuyper: verhaal over kikker en ooievaar, thema 'dieren als metafoor'

Met enige fantasie zeg ik, en dat is de schrijvers natuurlijk van harte gegund. Maar kennelijk gaan de meesten toch, even vrijwillig als losjes, met het thema aan de slag.

Die leuke foto van Charlotte Dematons heb ik trouwens gepikt van het Reformatorisch Dagblad.

woensdag 4 november 2009

Niet te stuiten: Vos en Haas

Haas maakt natuurlijk geen sneeuwpop, maar een pop van sneeuw. Want Vos en Haas doen het met één lettergreep. Dat is moeilijk. Ik dacht: ik schrijf dit stuk in eenlettergrepige woorden. Kansloos! Zelfs wie een grondige hekel heeft aan Avigedoe - zoals ik - kan vallen voor de charmes van Vos en Haas. En dat komt niet alleen doordat de verhaaltjes gewoon leuk zijn; als je eenmaal aan die soms ingewikkelde slingerpaadjes om lange woorden te vermijden gewend bent. Maar ook vanwege de grote, gedetailleerde prenten van Thé Tjong-Khing die vaak een eigen verhaal vertellen en wat kijkverleidelijkheid betreft niet onderdoen aan die van Waar is de taart. En dan die riante grote kartonboeken waar ook de wat meer robuuste bijna-lezertjes al zelf mee aan de slag kunnen: deze boeken zijn in alle opzichten meer dan goed. In het kartonboek dat tegelijkertijd is verschenen, komt overigens - geheel tegen de regels - het woord 'ballon' voor.

dinsdag 3 november 2009

Eindelijk een nieuw boek van Tonke Dragt

Haar uitgever heeft de best verkopende titels van nieuwe, zogezegd modernere illustraties voorzien maar wie Dichtbij ver van hier doorbladert voelt direct weer dat de teksten van Tonke niet zonder haar eigen illustraties kunnen. Teksten? Ja, teksten. We hebben jaren moeten wachten op het boek met vijftien van de vele collages die Dragt de afgelopen decennia maakte voor bij haar tweeluik Zeeën van tijd, maar dat was misschien vooral omdat er ook kleine opstellen bij moesten. En daarmee is Dichtbij ver van hier veel meer dan een plaatjesboek geworden. Het is een tussenboek. De drempel tussen Aan de andere kant van de deur en het vervolg. Zou dat nog komen? Zou ze het nog halen? We duimen. Heel hard.

De krantenrecensie vind je hier.