zondag 25 maart 2018

Weekgreep #18-7: Gerda De Preter, Zoek de Streep, Dank je wel van Stefan Boonen en Jan Van Lierde, Eiland van Mark Janssen, Alice in Wiskunde Wonderland

1. Gerda De Preter: Toen Alfie verdween
Gerda De Preter is een van die stug overkomende Vlaamse auteurs bij een Nederlandse uitgeverij, die in praktijk toch vooral de Vlaamse markt bedient. Spookpijn (2005) vond ik knap en aanstekelijk. Ze maakt ook spannende boeken, zoals Op de rug van de duivel (2010) over treinsurfen. Deze lerares Nederlands en Engels uit Haagt schrijft net iets te weinig om voet aan de grond te krijgen, maar het is de moeite waard om in de gaten te houden. Toen Alfie verdween gaat over een boos meisje van gescheiden ouders dat een broertje of zusje krijgt en de astmatische Alfie, die uit het buitenland komt en woordenlijsten maakt. Ook dit keer is het verhaal vrolijker en luchtiger dan het klinkt... en het omslag oogt.

2. Andy Mansfield: Zoek de streep
Net zo geweldig als Een boek van Hervé Tullet, belooft de uitgever in de begeleidende brief. Dat is nogal een belofte. Papieringenieur Andy Mansfield verstopt in elke illustratie een streep, die je kunt vinden, of samenstellen uit losse onderdelen, door flapjes om te klappen. Iedere volgende pagina is moeilijker, tot er op de laatste een heel kasteel uit het boek omhoog komt, waarin je diverse strepen kunt ontdekken door op de juiste manier door de drie-dimensionale tekening heen te kijken. Toch heeft het boek niet veel diepte. Elke keer die saaie streep vinden, na een paar keer proberen weet je het wel. Ook laat het prutsen sporen achter, waardoor tweede en derde pogingen minder moeilijk worden, je ziet waar je moet vouwen. Aardig boek dat zeker wel een minuut of tien vermaakt, maar wint het niet van dat van Tullet, dat dit na tien keer bekijken nog steeds doet.

3. Stefan Boonen en Jan Van Lierde: Dank je wel
Nog zo'n actief boek vandaag, waarin je het verhaal volgt van flatbewoners, die in een wild avontuur van alles met elkaar te maken krijgen. Dat illustrator Jan Van Lierde ook animator is zie je af aan de tekeningen die je bijna uit de pagina lijkt te kunnen pakken. Tegelijkertijd verscheen van beide heren ook het aanstekelijke Verliefd, waar je zowel bij kunt zwijmelen als stoer gniffelen. En da's niet altijd zo bij boeken over de liefde, die jongens meestal aan zich voorbij laten gaan.

4. Mark Janssen: Eiland
Mark Janssen, die vorig jaar wist te vermaken met het geestige en opvallend kleurrijke Dino's bestaan niet, komt nu met een sprakeloos prentenboek. Janssen kan zijn fantasie heerlijk laten ontsporen en is in Eiland het best te zien als een uitbundige mix van de rijke realistische en humoristische wereld van Charlotte Dematons en de kronkelige golf associatieve beelden van Marije Tolman. Waarbij hij, wat toegankelijkheid betreft, meer aan de kant van Dematons blijft. Een vader en een dochter lijden schipbreuk en gaan op een eiland wonen. Blijkt de rug van een schildpad te zijn. Boven water ontvouwt zich een ander avontuur dan onder water. Het meisje verbindt op de valreep, als ze gered worden door een groot schip, de twee werelden. We kunnen weer reuzenposters gaan drukken!

5. Carlo Frabetti en Wendy Panders: Alice in Wiskunde Wonderland
Interessant project van de in Spanje wonende en werkende Italiaanse wiskundige Carlo Frabetti en de Nederlandse illustrator Wendy Panders, die de illustraties van de oorspronkelijke Spaanse uitgave vervangt. Alle grote wiskundige problemen en hun bedenkers/oplossers komen de elfjarige Alice tegen die natuurlijk eerst niet en later wel van wiskunde houdt.

In De Weekgreep signaleer ik vers uit de postbus de interessantste titels voor lezers, ouders en leerkrachten. Deze boeken liggen er net en zijn een bezoek aan de boekhandel waard.

zaterdag 3 maart 2018

Weekgreep #18-6: Björn, Ministerie van Oplossingen, de tweede van Ellen van Velzen, een Gouden Boekje van Paulien Cornelisse en een geestig prentenboek van Jon Klassen

Soms zit het een weekje niet mee. Griep en zo. Daarom deze week, waarin ook de derde Julius Zebra verscheen en Het slijmerigste slijmboek een bestseller bleek, een paar extra.

1. Delphine Perret: Björn, zes berenverhalen
Franse vertalingen, die zien we niet vaak. Er lijkt een harde scheidslijn te lopen tussen de doorgaans vrije en vrolijk anti-autoritaire Noord-Europese jeugdliteratuur en de meestal wat opvoedkundige en volgzame Zuid-Europese en die grens ligt zo'n beetje halverwege België al. Dat betekent niet dat er geen te gekke dingen gebeuren daar. Schrijver en illustrator Delphine Perret is er eentje om in de gaten te houden. In het strak vormgegeven Björn zes humoristische en filosofische berenverhalen met grappige pentekeningen. Het geheel heeft in de verte iets weg van Arnold Lobel (Uil) en Syvlia Vanden Heede / Thé Tjong-Khing (Vos en haas). Het is niet eens haar eerste boek, vorig jaar verscheen ook bij Davidsfonds Infodok Maurice de krokodil en Arsène de alligator. Op haar website is meer veelbelovend werk te vinden. Leuk om voor te lezen (vanaf 6 jaar), even leuk om zelf te lezen (vanaf 8 jaar).

2. Sanne Rooseboom: Het Ministerie van Oplossingen en de verdwenen Van Gogh
Tweede deel in de serie van het Ministerie van Oplossingen. Mag wel wat meer aandacht hebben deze serie, al was het maar omdat de boeken - in tegenstelling tot veel ander werk in dit genre - zo verzorgd zijn uitgegeven en lekker geïllustreerd door Mark Janssen, vooral de krachtige kleuromslagen. Natuurlijk, in de verhalen vind je het standaardclubje met het enthousiaste leidermeisje, het te fantasievolle vriendje en de nerd die liever over robots leest dan raft. Maar dan heb je geen rekening gehouden met de 89-jarige blinde buurvrouw Vis die ook in het team zit! Meters maken met lezen doe je zo.

3. Ellen van Velzen: Kinderen van de Eindeloze Vlakte
Haar debuut Jonge Vlieger (2013), over een dorp dat zich tegen een onbekend gevaar beschermt door dag en nacht vliegers in de lucht te houden, vond ik erg interessant. We hebben erg lang moeten wachten op een nieuw boek van de evolutiebioloog, die tegenwoordig in Potsdam wiskundige modellen maakt van planktondynamica. Dus die heeft overdag wel wat anders aan haar hoofd. De kinderen van de Eindeloze Vlakte gaat over Sen, de zoon van een stamhoofd, die wordt gevangengenomen door zijn aartsvijanden en daar ontdekt dat die een bijzondere rol voor hem in gedachten hebben. Dat belooft wat. Vanaf 12 jaar.

4. Paulien Cornelisse en Emanuel Wiemans: Het mooiste geluid ter wereld
Dit boekje had precies zo in de jaren vijftig gemaakt kunnen zijn, de tijd waarin de beroemde Gouden Boekjes voor het eerst verschenen. Maar toen was Paulien Cornelisse echt nog niet geboren en illustrator Emanuel Wiemans ook niet. Erg goed gelukte, aanstekelijke pastiche met gegarandeerd voorleesplezier. Iedere muzikant vindt zijn of haar eigen instrument verantwoordelijk voor het mooiste geluid ter wereld. Ping! Vomp! Zwie zwie zwie! Boem! Wat zouden al die lawaaimakers nu eens moeten doen? Drie keer raden. Vanaf 5 jaar.

5. Jon Klassen en Mac Barnett: De wolf, de eend & de muis
Jon Klassen maakt echt fantastische platen, maar waarom mag geestig werk er niet gewoon geestig uitzien? Dat vraag ik me bij al zijn boeken af maar zeker bij deze. Muis wordt opgegeten door vos en ontdekt in diens buik een eend die daar al een tijd woont. Zou echt een voorleeshit kunnen zijn, maar een hoop lezers zullen dit prentenboek niet oppakken, domweg vanwege de grijsbruine sombere uitstraling. Jammer! Vanaf 5 jaar.

In De Weekgreep signaleer ik vers uit de postbus de interessantste titels voor lezers, ouders en leerkrachten. Deze boeken liggen er net en zijn een bezoek aan de boekhandel waard.

zondag 18 februari 2018

Weekgreep #18-5: Mark Lowery Charlie en ik, Lenneke Westera De muizen en een mooi evolutieprentenboek van Floor Bal en Sebastiaan Van Doninck

De week waarin Pipi Langkous definitief zonder n-woord is (volgens de aanbiedingsfolder van de uitgever), de Waanzinnige boomhut alweer 91 verdiepingen blijkt te hebben en de verfilming van Leven van een loser ook weer tot een boek leidt: Leven van een loser, niet te filmen.

1. Mark Lowery: Charlie en ik ver van huis
Charlie, het drie jaar jongere broertje van Martin, is veel te vroeg geboren en heeft dat maar net overleefd. Hij is vaak ziek maar beschikt over een grote fantasie, ziet nergens gevaar in en is zijn grote broers beste maatje. Ze gaan samen, stiekem, op reis naar het zuidelijkste puntje van het land om een dolfijn te zien. Charlie en ik is Lowery's debuut in Nederland, maar de vijfde titel in eigen land. Hoewel ook dit boek erg humoristisch is, is het wat serieuzer van ondertoon dan de vorige vier, die titels hebben als The Chicken Nugget Ambush. Vanaf 10 jaar.

2. Lenneke Westera De muizen
Fien wordt van achter de klikobak door 160 kraaloogjes aangestaard. 'Peru' zeggen de muizen, en 'San Francisco'. Een ander zou aan de pillen gaan, maar Fien gaat op reis. Met heel veel muizen, je kan er maar beter niet bang van zijn, door illustrator Marc Suvaal. Lenneke Westera (1962) is een laat- en langzaambloeier. Na een werkzaam leven in de gezondheidszorg debuteerde ze in 2004 met het bijzonder aardige, filosofische vriendschapsboek Schaap en geit. Heel wat later volgde Vergeten. Ze is nu terug met De muizen. Vanaf 8 jaar, voorlezen.

3. Floor Bal en Sebastiaan Van Doninck Het hele soepzooitje
Erg leuk evolutieprentenboek van wetenschapsjournalist Floor Bal en de Vlaamse illustrator Sebastiaan Van Doninck. Het boek dat nog ontbrak naast Het raadsel van alles dat leeft van Jan Paul Schutten en Floor Rieder, en er wat illustraties betreft de concurrentie zeker mee aan kan. Het hele verhaal, maar dan razendsimpel en razendsnel. Van Doninck weet een mooi midden te vinden tussen geestig en kleurrijk modern en de statige sfeer van oude schoolplaten, waarin je tijdens de les kunt wegdromen. Vanaf 6 jaar.

zaterdag 3 februari 2018

Weekgreep #18-4: Oliver Jeffers versus Britta Teckentrup, Evelien de Vlieger heeft wat nieuws en het slavernijboek van Arend van Dam ligt bijna in de winkel

#1 Oliver Jeffers Die eland is van mij versus Britta Teckentrup De muis en de muur
Veel prentenboekengetetter afgelopen anderhalve week en terecht natuurlijk. Het belang van voorlezen en dus prentenboeken in de opvoeding kan nauwelijks worden overdreven. Geen reden om er een humorloze bedoening van te maken. Denk volgend jaar bijvoorbeeld eens aan deze prentenboekenmaker. Die eland van mij is niet zo ijzersterk als De krijtjes staken maar kom over zo'n geniaal boek nog maar eens heen. Wat illustraties betreft doet het er zeker niet aan onder. Wilfred heeft een eland, denkt hij. De hilarische lijst met zaken die 'zijn' eland allemaal voor hem gaat doen wordt langer en langer, ondertussen doet de eland lekker wat hij zelf wil.

Waarom iedereen ondertussen zo wegloopt met Britta Teckentrup? Haar brave boek Ssst! De tijger slaapt is prentenboek van het jaar en vlak voor de Nationale Voorleesdagen verscheen De muis en de muur. De muis en zijn vrienden zijn opgesloten binnen een hoge muur, de muis gaat buiten kijken en merkt dat de muur helemaal niet bestaat. En poef, de muur is weg. Nu zijn de dieren vrij, behalve de leeuw die binnen blijft. 'Want bange ogen durven niet te kijken, die zien niets.' Wat een moralistisch draakje! Ze zouden er in de jaren zeventig van gesmuld hebben. Laten we het over het sombere drukwerk maar niet hebben. Houten-kralenkettingen-pedagogiek. Er is zoveel frisser, moderner en vooral geestiger werk in de aanbieding.

2. Evelien De Vlieger Wish you were here
En wat is het toch met die Engelse titels op Nederlandse boeken de laatste tijd? Snap dat niet. Evelien De Vlieger kan schrijven en heeft dit niet nodig zou je zeggen. Na haar geestige Brei met mij verschenen een aantal jongerenromans die het midden opzoeken tussen chicklit en literair. De Vlieger pakt de meidenroman net even anders en wat ruiger aan dan het gebruikelijke getut in dit genre, daar kun je op vertrouwen. De motto's van René Char, de Pixies en Samuel Beckett voorin alleen al. Hazel heeft een gebroken hart en gaat als nanny aan de slag in een Engelse badplaats. Beetje vreemd: waar is de moeder van het jongetje van acht en zijn pasgeboren zusje?

3. Arend van Dam De reis van Syntax Bosselman
De geschiedenisleraar des vaderlands presenteert binnenkort een boek met een intrigerende titel over een wel bijzonder gevoelig onderwerp, het Nederlandse slavernijverleden. Syntax Bosselman is een Surinamer die tijdens de Wereldtentoonstelling van 1883 naar Nederland werd gehaald. Zijn verhaal en dat van vele anderen staan in dit boek. Arend van Dam publiceert in een moordend tempo over geschiedenis en aardrijkskunde en doet dat verdienstelijk. Naar Syntax Bosselman ben ik erg benieuwd.

In De Weekgreep signaleer ik vers uit de postbus de interessantste titels voor lezers, ouders en leerkrachten. Deze boeken liggen er net (of in een enkel geval: bijna) en zijn een bezoek aan de boekhandel waard.

zaterdag 20 januari 2018

Weekgreep #18-3: Edward van de Vendel & Sanne te Loo gaan olympisch schaatsen, voorleesboek met Ingrid & Dieter Schubert, de nieuwe David Almond

1. Edward van de Vendel, Sanne te Loo en Beorn Nijenhuis: De jongen die met de dieren schaatste
Querido heeft een inmiddels zeer uitgebreide serie waarin schrijvers verhalen maken met jongeren die iets indrukwekkends hebben meegemaakt. Je krijgt dan echte verhalen, maar wel goed geschreven. Edward van de Vendel, die met De gelukvinder toch al met stip de beste bijdrage leverde aan die bijzondere reeks, maakte een prentenboek volgens hetzelfde principe. Wat een gaaf idee. Schaatser Beorn Nijenhuis vertelt het verhaal van zijn jeugd in Canada en hoe hij daar trainde op een meer met alleen de dieren als gezelschap. Bijzondere aandacht verdienen de verbluffende illustraties van Sanne te Loo. Op het wat rommelige omslag van dit klein formaat prentenboek zie je het er niet aan af maar het binnenwerk had een veel groter formaat verdiend. Vanaf 8 jaar.

2. Annette Herzog, Ingrid en Dieter Schubert: Moemf heeft een vriend
De stompzinnige, koppig gelukkige grijns. Daarin verslaat geen enkele illustrator het wereldberoemde duo Ingrid en Dieter Schubert. Ze hebben met Moemf weer een fantastisch fantasiedier geschapen voor de voorleesverhalen van Annette Herzog. Moemf en zijn vriend gaan op zoek naar de lente, waar blijft die toch? Ongeduldig beginnen ze alvast een feest te organiseren. Als ze afscheid nemen van de winter, zijn ze ook een beetje verdrietig. Het boek verschijnt tegelijkertijd, met dezelfde illustraties, in het Duits. Vanaf 5 jaar.

3. David Almond Het avontuurlijke verhaal van Angelino Brown
Ik moet bekennen dat ik geen fan ben van het nogal geconstrueerde literaire oeuvre van David Almond, maar dit boek ziet er wel aardig uit. Om het truttige omslag moet je even heenkijken, het binnenwerk van Alex T. Smith is heel wat beter. Buschauffeur Bert Brown is zijn baan beu. Wie heeft bushaltes en passagiers uitgevonden? Ze hangen hem de keel uit. Dan vindt hij een engel in zijn borstzak. Die zet de boel op stelten. Niet heel origineel, geen hoogvlieger, wel lekker levendige weglezer. Vanaf 10 jaar.

In De Weekgreep signaleer ik vers uit de postbus de interessantste titels voor lezers, ouders en leerkrachten. Deze boeken liggen er net en zijn een bezoek aan de boekhandel waard.

zaterdag 13 januari 2018

Weekgreep #18-2: klassieker van Dino Buzatti, Ik ben je mama niet van Marianne Dubuc, Onbreekbaar van Hans Hagen

1. Dino Buzatti: De beroemde bereninvasie van Sicilië
Tijdens een ijskoude winter komen de beren uit de bergen van Sicilië, op zoek naar eten maar ook naar de door jagers ontvreemde zoon van berenkoning Leonzio. Het is een vorm van jeugdliteratuur die nauwelijks meer op deze manier gemaakt wordt maar in het midden van de vorige eeuw vrij veel voorkwam in Europa: onzinverhalen, vol gedichten, absurde wendingen en kolderieke personages. De in eigen land zeer beroemde. Dino Buzzati (1906-1972) werkte zijn hele leven voor de krant en schreef en tekende daarnaast verhalen. Zijn oeuvre is in het Nederlands zeer beperkt verkrijgbaar en zelfs in het Engels niet compleet. Deels op rijm vertaald door Renata Vos. De illustraties van de auteur, die ook strips tekende, ogen nog erg modern. Of hedendaagse kinderen er nog mee te behagen valt, hangt sterk af van leeservaring en geduld. Literatuurliefhebbers zullen ervan smullen en het graag in hun bibliotheek hebben.

2. Marianne Dubuc: Ik ben je mama niet
Ik ben een groot fan van het gedetailleerde, humoristische en licht wereldvreemde werk van Marianne Dubuc. In haar nieuwste vindt de eekhoorn op een dag een ei voor zijn deur waar al snel een vreemd, dik wezentje komt. Het wezen accepteert de eekhoorn direct als moeder, de eekhoorn blijft maar proberen om de echte te vinden.

Hans Hagen: Onbreekbaar
Deborah van der Schaaf illustreerde met fantasievolle collages en beeldbewerkingen deze nieuwe bundel jongerenpoëzie van Hans Hagen. De vorige, Hoe angst klinkt, is alweer uit 2012. Hans Hagen is samen met zijn vrouw vooral bekend van postergedichten voor jongere kinderen zoals Jij bent de liefste (2000), maar zou juist meer aandacht verdienen met zijn toegankelijke, maar toch subtiele gedichten over liefde, intermenselijke relaties en de dood voor jongvolwassenen. Opvallend aan deze uitgave is de geestige en toch volwassen vormgeving, erg geslaagd.

zaterdag 6 januari 2018

Weekgreep #18-1: Zeb. van Gideon Samson, Meneer Hummeling van Joukje Akveld en Schroot van Danny De Vos

Een goed leesjaar gewenst! Omdat het wat rustig is in de postbus, een aankondiging en twee laatkomers die zijn blijven liggen in de kerstvakantie.

1. Gideon Samson Zeb.
Meester van de soepele stijl Gideon Samson staat bekend om zijn indringende realistische boeken, die steeds de grenzen opzoeken van wat nog kan in een jeugdroman. In Zeb. gaat hij, samen met de nog niet zo bekende illustrator Joren Joshua, voor iets jongere lezers, op zoek naar de grenzen van zijn fantasie. Op een dag zit er een zebra in de klas, maar niemand lijkt het gek te vinden. Ozzie gaat een grap kopen om indruk te maken op een meisje, maar de grappen zijn te duur. Er wordt een demonstratie georganiseerd omdat het huilen is afgeschaft. Veelbelovend. Vanaf 17 januari in de winkel.

2. Joukje Akveld Meneer Hummeling zoekt een vrouw
Ze maakte naam met journalistieke boeken over dieren in de knel, maar begon haar schrijfcarrière met prentenboeken. Ze werkt graag samen met zoveel mogelijk verschillende illustratoren. Nu met kleurenknaller Noëlle Smid. Samen vertellen ze het verhaal van een vrijgezelle walrus, die op zoek is naar een vrouw. Dat blijkt nog niet zo gemakkelijk. Ze moet namelijk wel van roze houden.

3. Danny De Vos Schroot
Een bankroete autosloperij is het spannende decor van Schroot, een avonturenverhaal van de laat gedebuteerde Vlaamse kinderboekenschrijver Danny De Vos (1967). Rico's vader werkt voor de kort geleden verdwenen eigenaar van de sloperij en van de ene op de andere dag is zijn speelterrein verboden gebied. Dat maakt het bezoek ervan natuurlijk alleen maar aantrekkelijker. Hij blijkt alleen niet de enige die er graag komt.

In De Weekgreep signaleer ik vers uit de postbus de interessantste titels voor lezers, ouders en leerkrachten. Deze boeken liggen er net of bijna en zijn een bezoek aan de boekhandel waard.